Vlissingen verruimt bijzondere bijstand voor minima

Vlissingen verruimt de bijzondere bijstand voor inwoners met een laag inkomen. Dat maakte wethouder Jeroen Portier (Armoedebeleid) woensdag bekend.

Voor een aantal voorzieningen wordt de bijzondere bijstand voortaan ook toegekend aan gezinnen met een inkomen tot 120 procent van het sociale minimum. Dat was 110 procent. “Op deze manier ontstaat er iets meer ruimte om de bestaanszekerheid van een groep inwoners te vergroten”, zegt Portier.
Het college stelde op 17 december 2024 de Beleidsregels bijzondere bijstand 2025 vast. Daarin stond dat alleen huishoudens met een inkomen tot 110 procent van het sociaal minimum gebruik konden maken van bepaalde voorzieningen.

Gewijzigd
In de afgelopen raadsvergadering heeft de Vlissingse gemeenteraad de verordening gewijzigd, waardoor voor wooninrichting, duurzame gebruiksgoederen (zoals wasmachine of koelkast) en de regeling chronisch zieken en gehandicapten nu ook gezinnen met een inkomen tot 120 procent van het sociale minimum bijzondere bijstand kunnen aanvragen.
Volgens B en W worden de kosten voor de verruiming vanaf 2026 structureel opgenomen in de begroting van Vlissingen. Wethouder Portier geeft aan dat Vlissingen met deze verruiming nu positief uit de pas loopt ten opzichte van de twee andere gemeenten op Walcheren.

Stadhuis Vlissingen Stockfoto WFM