‘Gemeente Vlissingen stuurt aan op onteigening bij Ritthem voor aanleg JCV en weigert te praten met grondeigenaar’

De Vlissingse gemeenteraad sprak donderdag over de onteigening bij Ritthem, voor het nog aan te leggen Justitieel Complex Vlissingen (JCV). Maar juridisch vertegenwoordiger Toine de Bakker van de grondeigenaar zegt dat onteigening helemaal niet nodig is. Die staat open voor verkoop. De kans bestaat volgens hem dat juist door de houding van de gemeente de bouw van het JCV vertraging op loopt. “We willen dat er serieus met ons wordt gepraat.”

Het gaat om de eigenaar van een stukje grond in Ritthem, waar hij volkstuinen verhuurt. De kans dat de gemeente het zou willen hebben was altijd al aanwezig, zegt De Bakker. Vanwege de bouw van het JCV moet een nieuwe landbouwweg worden aangelegd en daar is deze grond voor nodig. De grondeigenaar ziet het belang voor de gemeente in.

Maar hij ziet geen noodzaak om het instrument van onteigening in te zetten. “De gemeente doet geen moeite om de grond gewoon via onderhandeling te verkrijgen”, zegt De Bakker. “Het gaat hem niet om het geld, maar hij wil dat er serieus met hem wordt overlegd.”

De Bakker sprak donderdagavond in bij de gemeenteraadsvergadering. “Een onteigeningsbeschikking alleen kan worden bekrachtigd door de rechtbank in het belang van het ontwikkelen, gebruiken of beheren van de fysieke leefomgeving (het onteigeningsbelang) en als de onteigening noodzakelijk en urgent is”, stelt hij. De rechtbank zal de beschikking van de gemeenteraad op deze drie voorwaarden toetsen met betrekking tot de periode voorafgaande aan het besluit.

Geen serieus overleg

“Een minnelijk overleg is als serieus te omschrijven, als er een financieel aanbod wordt gedaan met onderbouwing, waarbij deskundigen reageren op ieders voorstel en ingebrachte argumenten”, stelt De Bakker. “Er is vóór 30 januari 2025 twee maal overleg geweest tussen deskundigen. Kort samengevat zijn deskundigen het -schijnbaar- op een aantal punten niet met elkaar eens. Schijnbaar, want wij weten niet waarom.”

De gemeente reageerde niet op de standpunten van de grondeigenaar. “Op 16 april 2025 vond het derde gesprek plaats tussen de deskundigen”, vervolgt De Bakker. “In dit gesprek stelt de verwerver letterlijk: “ik kom niets brengen” en “dit gesprek is noodzakelijk voor het onteigeningsproces”. Hij bedoelde hier waarschijnlijk ‘voor het onteigeningslogboek’.” Dat is een voorwaarde bij een onteigeningsprocedure.

Voorstel

“De verwerver namens de gemeente had wederom geen ander aanbod dan hetgeen hij al in de eerste twee gesprekken had geboden. Hij had van de gemeente geen enkele ruimte gekregen om wat dan ook inhoudelijk te bespreken.”

De grondeigenaar had wel een voorstel voorbereid. Dit voorstel was een poging om tegemoet te komen aan de gemeente Vlissingen en zo tot een overeenkomst te komen. Ook is door partijen gepraat over compensatie in grond, in plaats van in geld. Tot nu toe heeft hij geen reactie van de gemeente ontvangen op zijn voorstel.”

Taxatierapport

De Gemeente heeft ook een taxatierapport laten opmaken, maar dat is bij de grondeigenaar niet bekend, zegt De Bakker. “Van dit taxatierapport mag de gemeente -schijnbaar- niet afwijken om ongeoorloofde staatssteun te voorkomen. Dit kan een juist standpunt zijn, maar dan heeft ieder minnelijk overleg ook geen zin. Het is juridisch onhoudbaar dat de gemeente koste wat kost vasthoudt aan een taxatierapport, terwijl feiten en jurisprudentie wijzen op een ander standpunt en/of tot hogere schadeloosstelling.”

De Bakker vraagt of de gemeente volwassen genoeg is om af te kunnen wijken van het taxatierapport en zelf te bepalen hoe partijen tot elkaar kunnen komen. Er is een gebrek aan serieus overleg, dus een gebrek aan het juridische begrip -noodzaak”, stelt De Bakker. De rechtbank kan de onteigeningsbeschikking volgens hem niet bekrachtigen.”

Pesterijen

Daardoor kan er volgens De Bakker zelfs vertraging optreden bij de realisatie van het JCV. Desnoods gaat de grondeigenaar naar de Raad van State, zegt De Bakker. “De kans bestaat dat we verliezen, maar je spreekt dan wel weer over twee jaar vertraging.”

Daarnaast constateert De Bakker dat de gemeente zich bedient van pesterijen. Eerst vonden al voorbereidende werkzaamheden plaats, terwijl de grond dus nog niet in bezit is van de gemeente. Die werkzaamheden stopten, nadat de grondeigenaar de gemeente daartoe had gesommeerd. Daarna werden er weer grote stukken puin, afval en restanten van drainageslangen gedumpt op de grond. Ook weigert de gemeente een gedeeltelijk aangelegde weg over het terrein van de man fatsoenlijk af te zetten, waardoor er steeds ongewenst verkeer passeert.

Foto: WFM