‘Heeft bodemverontreiniging Veiligheidscentrum Zeeland gevolgen voor gemeente of eventuele koper?’
Hart voor de Dorpen (HvD) vreest dat de bodemverontreiniging met olie en pfas bij het Veiligheidscentrum Zeeland (VCZ) in Vlissingen gevolgen zal hebben, als de gemeente het gaat verkopen. De fractie wil weten wie verantwoordelijk is voor de verontreiniging, sinds wanneer de gemeente daarvan op de hoogte is en welke juridische en financiële risico’s er zijn. Is het VCZ wel te verkopen, vraagt HvD zich af.
Het college van B en W wil het aan de Buitenhaven gelegen VCZ al langere tijd verkopen. Vlissingen is voor 100 procent aandeelhouder van het oefencentrum voor brandweer en hulpdiensten, maar het college ziet het bezit ervan niet als een gemeentelijke taak.
Een motie van D66 om het VCZ toch in handen van de gemeente te houden vanwege het grote belang voor brandweerkorpsen en hulpdiensten kreeg vorige maand geen meerderheid in de gemeenteraad.
Niet verkoopbaar
De fractie HvD vreest dat het VCZ niet verkoopbaar is door de bodemverontreiniging. Er is hier jarenlang geoefend met mogelijk PFAS-houdend blusschuim en ook is er olie in de bodem gelekt, heeft raadslid Joanna Weijermans begrepen. Hoe die informatie bij de fractieleden is beland, wil ze niet zeggen.
“Wat zit daar allemaal in de grond en tot hoe diep? We hebben nooit rapportages gezien, of we moeten die gemist hebben. Als een derde partij het VCZ koopt, moet die wel eerlijk worden geïnformeerd over de risico’s. Wie moet de verontreiniging straks opruimen en voor wie zijn de kosten?”, zegt Weijermans.
Wet- en regelgeving
De ernst van de verontreiniging, de mogelijke invloed op de waarde van publieke middelen en het ontbreken van een volledig bodemrapport vragen om aanvullende informatie, zoals mogelijke bestuurlijke, juridische en financiële gevolgen, vindt HvD.
Daarom vraagt de fractie welke specifieke wet- en regelgeving er bij sterke bodem- en grondwaterverontreiniging geldt en welke verplichtingen daaruit volgen voor grondeigenaar North Sea Port en huurder VCZ.
Bodemrapport
Verder wil de fractie weten wat er in de huurovereenkomst tussen VCZ en North Sea Port staat over aansprakelijkheid, schade, milieuzorgplicht en de financiële verantwoordelijkheid bij verontreiniging door gebruik van onder meer blusmiddelen.
“Sinds wanneer weet de gemeente van de verontreiniging en is daar schriftelijk contact over geweest? Een bodemrapport is onmisbaar, als de gemeente een transparant openbaar verkoopproces wil starten. Is het college bereid, samen met VCZ en North Sea Port, te zorgen voor een volledig en actueel bodemrapport vóórdat het verkoopproces verdergaat, zodat sprake kan zijn van een transparant en juridisch zorgvuldig traject?”, schrijft HvD.
Financiële compensatie
Verder vraagt HvD of de gemeente afspraken heeft vastgelegd over financiële compensatie, mocht blijken dat de verontreiniging leidt tot een lagere opbrengst. Loopt de gemeente bij verkoop alsnog kans op financiële of juridische aansprakelijkheid voor historische milieuschade, gezien de kennis hierover en zo ja, welke risico’s zijn er?
Al met al heeft HvD de indruk dat de gemeenteraad niet erg volledig is geïnformeerd over de bodemverontreiniging en de mogelijke gevolgen daarvan. Weijermans: “We zitten nog met heel veel vragen. Er zal op veel plekken in Vlissingen bodemverontreiniging voor komen. Het is heel ingewikkelde materie voor een raadslid.”

Het Veiligheidscentrum Zeeland aan de Buitenhaven is mogelijk ernstig vervuild, vreest HvD. (foto: Peter Urbanus)

