Politieke aandacht voor drugs- en daklozenproblematiek Vlissingen

De SP-fractie dringt er bij het college van B en W op aan dat Vlissingen zich aansluit bij het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV). Aanleiding is de aanhoudende en steeds urgenter wordende situatie rond dak- en thuisloze mensen en verslavingsproblematiek in Vlissingen. Elders in het land worden goede resultaten geboekt met het programma, zegt Jos van der Horst.

Eerder dit jaar stelde SP-fractie al vragen aan het college over de hygiëne van overnachtingsplekken. De gemeenteraad nam begin juli een motie van de SP aan, waarin werd gevraagd extra middelen vrij te maken voor de aanpak van dakloosheid, verslavingsproblematiek en gerelateerde problemen. Fractievoorzitter Jos van der Horst van de SP wees opnieuw op het Nationaal Programma Leefbaarheid en Veiligheid (NPLV). Dit programma draait nu al in 20 gebieden in Nederland, waar de leefbaarheid en veiligheid onder druk staan. Het betreft in totaal zo’n 1,3 miljoen mensen.

Heel urgent
“De problemen met dakloosheid, verslaving, overlast en onveiligheid in Vlissingen worden nu wel heel urgent”, meent Van der Horst. Hij woont zelf in een deel van de stad waar veel van deze problemen spelen. “We behoren tot de dertien gemeenten met de meeste problemen met armoede en leefbaarheid, maar het college reageert erg afhoudend”, vindt de SP-politicus. De aanpak van de NPLV kan volgens hem een grote meerwaarde bieden: “Het gaat er in de kern om dat je mensen eerst huisvesting biedt, met een strakke begeleiding”, gaat Van der Horst verder. “Ze moeten het gevoel krijgen weer gezien te worden. Als het gaat om flakkaverslaafden is het niet een kwestie van even gauw laten afkicken en ze dan terug plaatsen in de maatschappij. Je moet ze uit die omgeving halen. Maar voor zo’n aanpak is wel extra geld nodig. Vlissingen moet daar op aandringen bij het Rijk.”

Daarom vraagt de SP opnieuw of het college al contact heeft opgenomen me het Rijk over deelname aan het NPLV en extra geld en of de gemeenteraad op de hoogte kan worden gehouden over de stand van zaken.