Heftige discussies in gemeenteraad, maar college mag Veiligheidscentrum Zeeland verkopen
Raadslid Ocker Ghering van D66 diende deze week samen met andere fracties een motie in tegen verkoop van het Veiligheidscentrum Zeeland (VCZ) door de gemeente Vlissingen. Van financiële risico’s is volgens D66 geen sprake en het trainingscentrum is van groot belang voor brandweer en hulpdiensten. Uiteindelijk kreeg de motie geen meerderheid.
De gemeente Vlissingen is sinds 2010 voor 100 procent aandeelhouder is van VCZ. In het VCZ bij de Buitenhaven kunnen brandweerkorpsen en hulpverleners uit Zeeland en van buiten de provincie trainen. Brandweerlieden kunnen er onder meer trainen met branden in allerlei soorten gebouwen, voertuigen en situaties. Ook worden er EHBO en BHV-trainingen gegeven.
De gemeente besloot al in 2021 om het VCZ te verkopen. Volgens het college van B en W is het bezit van zo’n centrum geen taak voor de gemeente. Ook zou Vlissingen financiële risico’s lopen. Dit jaar werd bekend dat het een openbare verkoopprocedure wil starten, met het voornemen de verkoop in 2026 af te ronden.
Financieel gezond
Deze week diende D66 een motie in, gesteund door het CDA, de SGP, CU en 50Plus. Het VCZ is een bv en als dat failliet gaat loopt de gemeente als aandeelhouder geen risico, zegt D66-raadslid Ghering. Bovendien ontvangt het VCZ dankzij gebruikers, zoals brandweerkorpsen, meer inkomsten dan dat het de gemeente geld kost, meent D66.
Ghering heeft de jaarrekeningen doorgenomen. Het VCZ is volgens de indieners financieel gezond en verhalen dat het een financieel blok aan het been zouden zijn niet met feiten zijn te onderbouwen, zegt hij. “Zulke ongefundeerde verhalen schaden zowel de positie van VCZ als de gemeente.” Volgens Ghering is er in 15 jaar tijd meer geld van het VCZ naar de gemeente gegaan dan andersom. Daarover volgde veel discussie.
Vergoedingen
Daarnaast vroegen de indieners van de motie om duidelijkheid hoe bij eventuele verkoop de beleidsdoelstellingen rond veiligheid kunnen worden geborgd. Dit vanwege opleidingen aan personeel van de Veiligheidsregio Zeeland. Zo vreest hij dat wanneer een commerciële partij het VCZ zou kopen brandweerkorpsen en andere gebruikers hoge rekeningen krijgen als ze er willen trainen.
De vijf fracties riepen het college op om de verkoopprocedure te staken en te kijken naar een aantal opties om grip te houden op het VCZ. Het belang van het trainingscentrum voor de Zeeuwse overheden en hulpdiensten is te groot om het te verkopen aan een commerciële partij.
Oefenen, oefenen, oefenen
Wethouder Geoffrey Sips herhaalde het standpunt dat het college het VCZ niet als overheidstaak ziet. Eerder beriep hij zich ook op het Didam-arrest, dat betrekking heeft op de rol van overheden bij bezit en verkoop van onroerend goed. Overname van de aandelen door de Veiligheidsregio Zeeland zou Sips zich ook kunnen voorstellen. Hij ontraadde de motie.
Pieter Jan Mersie (CU) benadrukte daarop het belang van zo’n trainingscentrum voor de rampenbestrijding. “Er is maar een manier om voorbereid te zijn en dat is oefenen, oefenen, oefenen. Er zitten hier bovendien grote industriële bedrijven met een eigen bedrijfsbrandweer.”
Geen gemeentelijke taak
Marin de Zwarte (CDA) vroeg hoe de belangen van hulpdiensten om te kunnen trainen bij het VCZ worden gewaarborgd bij verkoop van de aandelen. “En geef ons wel de feiten over de financiële risico’s. Hristjan Stevoski (PvdA) herinnerde eraan hoe trots Vlissingen ooit was op het trainingscentrum. Het trainingscentrum wordt breed gezien als voorbeeld voor Nederland.
John Dooms en Alex Achterhuis van respectievelijk coalitiepartijen LPV en PSR vonden ook dat het VCZ geen gemeentelijke taak is. De belangen van hulpdiensten om er te kunnen trainen kunnen volgens hen worden gewaarborgd.
Motie ongepast
Pim Kraan (POV) vond de motie ongepast, omdat het raadsbesluit al in 2021 is genomen. In het verleden heeft de gemeente behoorlijk moeten toeleggen op het centrum, dus dat het nu financieel gezond zou zijn zag hij niet als argument. Aan nu en noodzaak van het VCZ twijfelt POV niet. Kraan stelde een management buy-out voor als alternatief.
Albert van der Giessen (VVD) benadrukte de vertrouwelijkheid van de financiële cijfers van het VCZ en zag toch ook risico’s voor de gemeente. Wel zag hij dat de toestand momenteel goed is. Het behoud van het VCZ vindt de VVD wel belangrijk.
Blusschuim
Cor Tromp (SGP) noemde het als HvD deze week de aanwezigheid van blusschuim (pfas) waardoor het VCZ mogelijk onverkoopbaar zal blijken. Daarnaast vinden er trainingen voor maritieme opleidingen van de HZ en door Oceanwide plaats. “Allemaal partijen die van belang zijn voor Vlissingen. Je kunt wel puur focussen op die gemeentelijke taak, maar dat is te eng bekeken.” Tromp vreest ook voor overname door een trainingscentrum in Rotterdam, die vervolgens de boel leeg trekt. “Straks zijn we het kwijt en dan is het over.” Chris van Wezel (50Plus) vreesde dat ook.
Marktwerking
HvD zei de motie te gaan steunen. Louise Claessens vreest voor marktwerking, want vrijwel overal waar die is geïntroduceerd in Nederland zijn de prijzen omhoog gegaan. De Zwarte (CDA) raakte gefrustreerd door het uitblijven van cijfers ter onderbouwing, ook van de kant van POV en de coalitiepartijen. Daarop volgde een welles-nietesdiscussie over al dan niet door de gemeente opgevangen tekorten.
Bij de oprichting van het VCZ werd zo’n trainingscentrum als een gemeentelijke taak gezien, wist Van Wezel (50Plus) nog. Kennelijk is dat nu veranderd. POV zou liefst zien dat de Veiligheidsregio Zeeland het centrum overnam, maar die wil dat niet.
De motie werd na langdurige discussies verworpen. Het college van B en W gaat het VCZ dus ‘in de markt’ zetten. De voorwaarden moeten nog nader worden uitgewerkt. Over die voorwaarden krijgt de gemeenteraad geen zeggenschap meer.

Het Veiligheidscentrum Zeeland aan de Buitenhaven (foto: VCZ)

